Nieuwe verslaving

team

De zomerse Bosloop in Schoorl deed ik ooit in 2011 toen ik net begon te lopen. Best leuk dat lopen dacht ik toen. Gezellig vanaf het klimduin. Wel pittig maar leuk om jaarlijks te doen. Het duurde tot 2014 tot ik er weer aan toe kwam. Maar wat een genieten telkens weer. Drie keer gedaan deze zomer. De eerste keer met hoogzomers weer. Na 4 km als eerste dame over de streep, vond ik het best. Veel gezelliger om met stoere Peter, Ingeborg en Jan op het terras te zitten:-)

De tweede keer was mijn belangrijkste doelstelling: 8 km lopen. Dat bleek geen enkel probleem. Misschien zelfs iets te veel genoten. Na afloop nog een paar keer het klimduin op en af gerend met de kinderen. De derde ging ik daarom voor full force. In m’n uppie, met regen in de auto en een graad of 18. Het betere lopersweer. Parcours kan ik bijna dromen. Omringd door geurig bos, hei en zandhellingen: een stevige start, lange rechte asfaltweg en daarna wat gemene hobbels. Eindigend met een lange steile afdeling. ‘Kijk uit, kan glad zijn’, is de waarschuwing.

Mentaal wat onzekere start. Wat doet het lichaam? Zit er nog wel pit in na de vakantietijd? Af en toe moest ik m’n ademhaling echt terughalen.

Net onder de 20 op de klok bij het eerste rondje. Kijk dat gaat lekker! En dan merk je dat je het rondje kent. En daarnaar kan lopen. Gelukkig op 50 meter voor me een man met een wit shirt en hetzelfde tempo. Mooi baken. Ik stimuleer mezelf tempo te maken. Vorige keer wist ik dat ik iets te relaxed finishte. En dat tempo zit er best in. Fijn. Op de steilste helling kom ik steeds dichter bij hem.

Maar dan word ik opeens ingehaald door een jong jochie dat met grote stappen klimt. Ik vertraag. Irritant! Probeer mijn focus weer te vinden. Gelukkig: daar is de helling naar beneden. Glad? Boeien! Ik geef gas. Vliegen! En finish helemaal zen als tweede dame in 41:32. Wat een mooie zomerloopjes! Ik ben helemaal klaar voor de meer vlakke kilometers tijdens de Pierloop en misschien de Dam tot Dam.

Advertenties

Idylle langs de Ratzeburger See

04_RatzeburgerSee

Duitsland. Even schakelen. Niet meer Engels praten. Meer regeltjes. Langs de Ratzeburger See de ene dag naar het noorden. En de andere naar het zuiden. Over een keurig onverhard bospad langs het stille water. Ondanks een nachtelijke hoosbui geen plassen te bekennen. Dan een bord ‘Baden auf eigene Gefahr. Der Buergermeister.’ Bedankt voor de tip:-) In Denemarken was er nooit toezicht. Als wij dichtbij waren zwom Stine zelfs al zonder bandjes. Hier is het zachte zoete water oneindig ondiep vanaf het zandstrand. ‘Ach, wel duidelijk’. Het bos voelt oud aan. Zonnestralen piepen door de hoge bomen. Een rood eekhoorntje met een mooie pluimstaart schiet over het pad. Wijngaardslakken gaan iets trager. Mijn gedachten dwalen af naar de bosloop in Schoorl. De klimmetjes richting Ratzeburg zijn soms net zo pittig. Even ademhaling oefenen.

Dan, een luidspreker vanaf het water. ‘Ruhig’, ‘langsam’ meen ik te horen. Ik probeer tussen de bomen door wat op het meer te ontdekken. Niets. Het stadje nadert. Meer ruimte. ‘Ah’, roeiers. Die had ik hier niet verwacht zo op de vroege ochtend in de stilte. Instructie is duidelijk belangrijk.

Na het gele kalkstenen gemeentehuis draai ik een centrumstraatje in met jaren ’60 beton. Een rode bakstenen donkerte in de verte. Ik geloof het wel (al hoor ik achteraf dat ik dé dom gemist heb). Veertien kilometer is genoeg voor deze ochtend. Terug door het bos met tegengestelde mooie doorkijkjes. Bosreep met heuvels aan de overkant.

Af en toe een plukje vrijstaande vakantiehuizen en wat zeilbootjes in een minihaventje. Toch meer een toeristische bestemming dan verwacht. Logisch. Mooie plekken trekken mensen.

Klaar. Drie keer per week gelopen in deze drie weken vakantie. Mijn oude hardloopschoenen verdwijnen in de prullenbak van Naturcamping Buchholz. Komende dagen een kleine looppauze. Op bezoek bij mijn vriendin en familie in Greisfwald. Zaterdagochtend weer lekker de duinen bij Heemskerk in. Het leven is zo mooi als je de luxe hebt telkens nieuwe ervaringen op te doen. Lopen in Denemarken en Duitsland was een warme bedoening dit jaar. Ideaal voor duurlopen en af en toe intervalletje. Prima voor vakantie. Die snelheid komt wel weer. Het lijf voelt goed in ieder geval.

Hoe lekker het wel niet was om bijvoorbeeld na een lange – overigens super- dag Legoland nog een uurtje tempo te maken over graspaden en langs korenvelden. Begroet door een eenzame fietser met de schemering in zicht. Luxe!

Bambi’s spotten bij Fynen

Het eiland Asinge onder Fynen glooit. Maar niet zo oneindig wijds als op andere plekken. Overal plukjes bos en dorpjes. Een rondje lopen betekent hier hazen spotten en bambi’s betrappen tijdens het drinken in een bospoeltje. Lopen ook door de toegangspoort van Valdemar’s Slot. Een multifunctioneel kasteel waar het lint om 7 uur nog langs de oprijlaan wappert en de plastic bierbekers in de haag staan. Rasmus Seebach trad op. Doorlopen langs een plukje maïsveld langs een bosrand. In het pittoreske Troense kleurige Deense huisjes aan de haven. Ik registreer voor later op de dag waar de beste nye kartoffler langs de weg te koop zijn. En ga via een kleine trail over een landpunt terug naar onze camping aan de sund. Ontbijten in de zon terwijl we bootjes kijken. Straks toch maar eens een zeekano voor de familie huren. 

DSC06454

Stine fietst 45 km op Langeland!

DSC06425

‘Langeland, dat is dat lang gerekte smalle eiland’, sms-t mijn moeder. Enthousiast: ‘in Rudkobing lagen we met de boot!’ Bijna 35 jaar later komen we overland met een ander doel. ‘Langeletten’, wijst een aardige havenmeester op een kaart, ‘daar moet je zijn’. Ook de winkelbediende schat snel in wat we nodig hebben. Voor Stine (5) een coole meisjesfiets met drie versnellingen. Quinten (8) een verantwoorde rode mountainbike en wij op praktische fietsen met mandje. Picknick erin en we kunnen op weg naar route 8. Wat een mooie fietsdag. Hoogzomer, af en toe een wolkje maar vooral warmte en stralende zon over gouden korenvelden. Nauwelijks wind. We scheuren allemaal met brede grijnzen omhoog en omlaag over kleine heuveltjes. Genietend van de snelheid die we zelf maken. Langs idyllische Deense boerderijtjes. Zomers geel, wit en terra. Met bruine houten balken, bolle vierkante raampjes en rieten daken met spitse houten spiesen die aan Vikingtijden doen denken. De tijd staat hier stil. Vergezichten over de rollende heuvels naar zee aan beide zijden. Stille idylle. 

Dan bijna een Tour de Franceje. Tomas reikt in vliegende vaart een handje vers geplukte bramen aan (vuurtorens in familiecodetaal). Ik kijk en wil pakken. In een fractie van een seconde zie ik dat Stine heeft besloten voor een pitstop te gaan. De tijd staat even stil. Onvoldoende: ik knal achterop.

Gelukkig zijn we stoere maanden. We checken schrammen en bloedplekken, buigen wat recht en stappen weer op. Stine krijgt de bramen. Een paar 100 meter verderop vinden we het hunebed van koning René. Mooi moment voor een picknickpauze.

Quinten drapeert zich bovenop de stenen met een komkommertje en een handje Deense pepernoten. We rekenen uit hoe lang geleden deze koning hier begraven is. Toch al snel zo’n 5.000 jaar. Bijzonder. De rest van de tocht ben ik me meer bewust van de ouderdom van het eiland. De bomen in het verkoelende bosperceel zijn dik en hoog. Het felrode kasteel onderweg stamt nog uit de middeleeuwen. 

Verspreid passeren we lieve boerderijtjes midden in het land…waar we nog niet dood gevonden willen worden. Vol van schoonheid maar ook met oneindig veel stilte en lange winters in het verschiet. Niets voor ons. Toch trekt dit gebied blijkbaar al lang mensen aan. Vast door de vruchtbare grond. Maïs, aardappels en graan naast elkaar. We wanen ons even in Honduras waar dezelfde combi wordt verbouwd. Goede landbouw is grenzeloos.

Quinten lacht: ‘mama is een levende tomtom’. Hij is zo gewend aan beeldschermpjes dat hij de kaart die ik op mijn stuur vasthoud maar apart vindt. Toch leidt die ons handig de goede kant op. Langs een van de vele groentekraampjes langs de weg. Ik scoor een lekker bakje tomaatjes. Toevallig komt net de boer naar buiten. Na een geïmproviseerd gesprek steekt hij lachend een fles appelsap in mijn fietsmandje. Betalen mogen we niet. Wat een vriendelijke Langelanders ontmoeten we vandaag.

Ondanks de 45 km op de pedalen komen we volledig ontspannen bij de fietshandel terug. Om direct leuke tips voor de volgende dag te krijgen. Onze vakantie is te kort!

‘Best wel een eind fietsen’, constateert Stine droog. Om er direct weer vandoor te rennen. Dat wordt binnenkort nog wel een dagje fietsen in deze mooie omgeving.

Gezapig door Zuid-Jutland

DSC06176

Mokkabruine kalfjes met ronde oren komen nieuwsgierig dichterbij. Een buizerd landt vlak naast me op een paaltje. Een grote groene pad blijft rustig liggen terwijl mijn voet 5 centimeter naast hem landt. Dat is duurlopen in Zuid-Jutland. Vredig. Een beetje gezapig. Maar wel met die mooie vergezichten die het platteland zo mooi aken. Stroompjes, hoog gras, een sluis met een doorkijkje door de dijk naar het wad en een oneindig blauwe lucht met een enkele cumuluswolk in de verte. De lucht staat stil. Het is hoogzomer. De vierkante domtoren van het Ribe continu in de verte. Ik eindig mijn ronde van 16,5 km door het intieme oudste stadje van Denemarken voordat de toeristenstroom op gang komt. In een comfortabel tempo. Mijn horloge is alleen mee voor het mooie rondje op de landkaart straks. Kilometers over vrij liggende fietspadden en geasfalteerde landweggetjes. Denemarken op z’n netst. De Friese Millenniumlopers zouden er blij mee zijn.