Onrust

2 november 2013, vol verwachting bij de eerste berenpoot

2 november 2013, vol verwachting bij de eerste berenpoot

De onrust in m’n kop neemt toe. M-dag nadert.

Talloze momenten om met de aankomende marathon bezig te zijn. Aangepast eten op schema, voldoende rust, voldoende training. Niet te zwaar, niet te weinig. Ik voel me voorbereid en zit goed in m’n vel. En bovenal: ik ben ontzettend nieuwsgierig naar het effect van 42,195 kilometer op mijn lichaam.

Op de boot naar Terschelling starten de eerste gesprekken. ‘Een marathon is zo belastend voor je weekend. Ik doe deze keer een halve’, zegt een oude looprot uit Culemborg. Ze moest eens weten hoe intensief mijn loopmaatje Anja en ik hier de afgelopen 100 dagen mee bezig zijn geweest. Ieder moment grijpen we aan om verhalen te horen van ervaren lopers. We willen het maximale uit onze ervaring halen. En niet onderkoeld stranden met krampen of steken in de zij. Jammer dat niemand ons heeft kunnen vertellen wat te doen tegen de man met de hamer. Maar verder alles onder controle. Voor zover mogelijk

Op de vouwfiets naar ons Landalappartementje in Midsland. Wat is het toch mooi om op het wad te zijn. Een zonnetje breekt door de wolken precies als we aankomen. Bootjes in de haven, de getijdezee aan onze zij. Ik probeer bewust te genieten. Hier loop ik zondag. Joepie!

Zaterdagavond 1955 uur
Anjas man Jan leest met neutrale stem voor: ‘De organisatie heeft moeten besluiten om de marathon af te gelasten.’

‘Geen grapjes nu Jan’, zeg ik.

‘Ik ben serieus’, zegt hij droog.

Wat volgt is een hectische avond van shock, plannen van een nieuwe marathon, uitzoeken of we toch de halve kunnen doen, wat krachttermen en veel contact met vrienden en familie. Iedereen leeft met ons mee.

Dit was een scenario waar we absoluut geen rekening mee hebben gehouden. Windkracht 8 zegt windguru. Maar daar gaan we tegenop boksen. Tijd is immers geen issue bij de eerste. En extra genieten van de wind in de rug. De organisatie beslist anders.

Anja pakt een wijnglas.

M-dag is vreemd. Een rondje van 15. Veel contact onderweg met andere lopers. ‘Je eigen tempo lopen’, grapt een man langs de kant. Een omroepwagen schalt ‘de Berenloop gaat niet door’. En als ze ons passeren zachtjes ‘sorry’. In de sauna maakt een sportieve 50-ster ’n positieve inschatting van mijn resultaat op basis van mijn naakte lichaam. Iedereen lijkt extra medelijden te hebben omdat het onze eerste is. De saamhorigheid is groot. Mooi hoor. We worden bijna blij. We absorberen alle tips over alternatieven op korte termijn.

’s Middags trekken we erop uit met de vouwfiets. Berenloopshirts ophalen. En ’n stukje parcours. Want we gaan toch niet herkansen op Terschelling. Overal zien we lopers met startnummer die hem op eigen houtje lopen. De frustratie neemt licht toe. Ik zet mijn voeten krachtig op de pedalen en schiet door eindeloze lage duinpaden, boswegen, schelpenpaadjes en oude boerderijtjes. Tot aan de Boschplaat en terug. Wat een schitterend parcours volgt de marathon! Ik passeer mensen met normale fietsen die me verbaasd observeren. ‘Ik zou ’n marathon lopen vandaag!’, roep ik, ‘moet nog wat energie kwijt.’ Om 1630 uur begint het voor het eerst te regenen. Dan zouden we 3.50 uur onderweg zijn geweest. Ik trap nog wat harder.

Maandag de boot op met een kater.

Er was een periode voor en een periode na de marathon. Die is er nu alleen agendatechnisch. Het voelt als een bevalling of een examen dat niet door gaat. En leidt direct tot een praktisch probleem. We hebben onze agenda’s vol gepland met uitgestelde sociale evenementen.

De dagen erna zijn schakelen. Emotioneel en praktisch. Iedereen blijft met ons meeleven en we kunnen tig keer ons verhaal doen. Lief hoor. Nu zijn we 11 dagen verder en is het plan uitgerold. Op 15 december gaan we in Spijkenisse de marathon lopen. De eerste 30+ zit er alweer op. Morgen 25km. Wij komen er wel!

Advertenties